‘Komt volgt mij’

‘Komt volgt mij’…. Onmiddellijk….. ‘Terstond lieten zij hun netten in de steek’.

‘Komt volgt mij’

Timelapse: interval opnames.
Dat is een filmtechniek die vaak in natuurdocumentaires wordt toegepast.
Een zaad dat ontspruit. Versnelling.
Een ontluikende bloem.

Het lijkt wel of Markus ook zo te werk gaat.
Een heel proces van roeping en antwoord
wordt samengeperst in een paar zinnen.
Het lijkt wel alsof hij haast heeft.
Telkens dat woordje ‘onmiddellijk’.
‘Komt volgt mij’…. Onmiddellijk…..
‘Terstond lieten zij hun netten in de steek’.
Even verderop: ‘Onmiddellijk riep hij hen’.

Je denkt dan bij jezelf: zo gaat dat toch niet!
Dat is veel te kort door de bocht.
Een nieuw levenspad kiezen, Jezus achternagaan,
delen in zijn missie: dat doe je niet zomaar pardoes,
als in een bevlieging.
Dat is bij de meesten van ons een heel proces,
met kijk- en snuffelstages enz.
Het zelfgesprek dat de geroepenen – de twaalf en anderen
ongetwijfeld moeten hebben gevoerd,
wordt door Markus rigoureus weggelaten.

Zo komt het accent heel zuiver te liggen
op wat ook ons aangaat, namelijk:
je tot Jezus bekennen, hem navolgen:
dat is niet vrijblijvend. Het vraagt iets van je.
Eigenlijk ben je er nooit mee klaar, die ommekeer.

In de evangelies worden de pieken en dalen van dat proces
nog het meest sprekend uit de doeken
gedaan in het levensverhaal van Petrus.
Van hem hebben we het meest volledige portret
van de ups en downs van navolging van Jezus.
Dat gaat van enthousiaste beaming tot verloochening
van Rots benaming tot angstige vlucht.
Pas na de verrijzenis komt het sleutelmoment.
De vraag: ‘Hou je van mij’? Tot driemaal toe.
Dan pas komt het innerlijke omkeringsproces
in een stroomversnelling.

Worsteling dus. Pieken en dalen.
Daar horen we ook van in de eerste lezing
We hoorden een stuk uit dat prachtige verhaal van Jona/Duif.
Dat past helemaal bij dit thema van ommekeer
en de worsteling die daarmee gepaard gaat.
Iedereen kent de grote lijnen van dat verhaal wel.
Het is een aanstekelijk voorbeeld van humor in de bijbel.
Het is ook het enige boek dat eindigt met een vraag.
(Opnieuw lezen. Enkele pagina’s. De Bijbel ter hand nemen)
Jona krijgt de opdracht om naar Ninive te gaan.
(voor de Joden zoiets als Rusland en Poetin voor ons nu)
Jona smeert ‘m. Hij gaat in tegenovergestelde richting naar Tarsis/Gibraltar.
Jona in de walvis. Beeld van innerlijke crisis?
Uitgespuwd, gaat hij toch op weg naar Ninive
Hij overtreft zichzelf.
Maar al gauw vervalt weer in zijn oude fout:
Denken dat hij het beter weet dan God.
Hij gelooft niet echt in de bekering van de ander.
Zijn ego zit hem in de weg.
Hij verzet zich tegen dat innerlijk afbrekingsproces.

De worsteling van Jona. De roep van de eerste leerlingen.
Zo worden wij uitgenodigd om onze eigen navolging.
en onze eigen bekeringsweg onder ogen te zien.
Dat is een levenslange opgave. Het houdt nooit op.
Metanoia. Bekering.
‘Bekeert u en gelooft in de Blijde Boodschap’.
Het gaat om een andere manier van denken en doen.

Jona is verzinnebeelding van de moeite die het een mens kost
om uit de grond van zijn hart in verandering te geloven.
Het vraagt: Geduld met jezelf. Geduld met God.
En een hartstochtelijk: God kom mij te hulp!

Maar, en dat is ook belangrijk:
het is niet alleen een innerlijk proces
De manier van het Rijk Gods krijgt
vooral gestalte als we gelouterd
op weg gaan in het voetspoor van Jezus.
‘De tijd is vervuld.
Het Rijk Gods is nabij’.
Het komt ons nabij
wanneer twee of drie samenkomen in zijn naam.
We bouwen eraan mee als we Jezus’ missie vervullen:
aandacht voor de eenzamen, de randfiguren,
mensen die het niet meer zien zitten, de vreemdeling.
We ontmoeten Jezus heel concreet,
als we doen wat hij ons heeft nagelaten, in zijn gedachtenis.
Eucharistie.

Moge deze eucharistie de innerlijke ruimte in ons hart vergroten
en ons sterken in onze pogingen tot navolging.

Fons Eppink